Help, mijn hond bijt!
- Lode Rammelaere
- 25 dec 2025
- 4 minuten om te lezen

De laatste jaren duiken bijtincidenten met honden opvallend vaak op in nieuwsberichten en op sociale media. Kranten koppen over ernstig gewonde kinderen, in beslag genomen honden en discussies rond “gevaarlijke rassen” maken veel baasjes onzeker en soms zelfs bang. Tegelijk weten we dat een groot deel van de incidenten nooit het nieuws haalt en dat officiële cijfers in België en Nederland nog steeds onvolledig en vaak verouderd zijn.
Wat wél duidelijk wordt uit de beschikbare gegevens, is dat hondenbeten geen zeldzame uitzonderingen zijn, maar iets wat elk jaar tienduizenden mensen treft, meestal in de eigen woonomgeving en vaak met een hond die het slachtoffer al kende. Achter elke krantenkop schuilt niet alleen een geschrokken mens, maar ook een hond die in die specifieke situatie geen betere uitweg meer zag dan bijten. Inzicht in wat precies een bijtincident is en hoe de ernst ervan beoordeeld wordt – onder andere via de Dunbar-bijtschaal – helpt om minder in paniek te raken en gerichter aan veiligheid en preventie te werken.
Wat is een bijtincident?
Met een bijtincident bedoelen we elke situatie waarin een hond met zijn tanden naar mens of ander dier uitvalt en daadwerkelijk contact maakt, of dat nu een lichte hap of een ernstige beet is. Ook “snappen” in de lucht of tanden die kort de huid raken zonder duidelijke wond zijn relevant, omdat ze tonen dat de hond zich zo bedreigd voelt dat hij agressie moet inzetten om afstand te creëren. Het stopzetten van die situaties én het begrijpen van de aanleiding is minstens zo belangrijk als het verzorgen van de eventuele wond.
Bij de beoordeling kijken wij daarom niet alleen naar de zichtbare schade, maar naar het geheel van:
De ernst van het letsel: geen schade, krasjes, oppervlakkige of diepe puncties, scheuren, weefselverlies.
Het patroon: één gecontroleerde beet of meerdere beten, wel of geen vasthouden en schudden.
De context: wat gebeurde er vlak vóór de beet, welke uitweg had de hond, welke waarschuwingssignalen waren er al (verstijven, wegkijken, grommen)?
De Dunbar-bijtschaal in gewone taal

Om al die bijtincidenten op een vergelijkbare manier in te schatten, gebruiken we de Dog Bite Scale van dierenarts Ian Dunbar. Deze schaal kent zes niveaus, van dreigend gedrag zonder schade tot een fatale aanval, en helpt om zowel het risico als de prognose beter in te schatten.
In eenvoudige woorden:
Level 1: de hond vertoont agressief of bedreigend gedrag, maar er is géén contact tussen tanden en huid, bijvoorbeeld snappen in de lucht of uithalen zonder raken.
Level 2: de tanden raken de huid, maar er zijn geen echte punctiewonden; er kunnen kleine krasjes of schaafjes zijn doordat de huid is geschampt, eventueel met een beetje bloed.
Level 3: er is één beet met één tot vier puncties, geen enkele die dieper is dan ongeveer de helft van de lengte van de hoektand; er kunnen oppervlakkige scheurtjes zijn doordat het slachtoffer of de hond wegtrekt.
Level 4: één beet met één of meer diepe puncties, dieper dan de helft van de lengte van de hoektand, vaak met blauwe plekken of scheuren doordat de hond vasthoudt en schudt.
Level 5: meerdere beten van Level 4 in één incident, of meerdere aanvallen met telkens een Level 4-bijtwond; dit wijst op ernstig gevaarlijk gedrag.
Level 6: een beet of aanval met dodelijke afloop.
Het perspectief dat Dunbar zelf meegeeft, is belangrijk: het overgrote deel van de incidenten valt in Level 1 en 2, dus mét dreiging of contact maar zonder ernstige schade. Honden op deze niveaus zijn meestal goed te begeleiden met training, management en beter begrip van hun signalen, terwijl Level 4–5 een veel zwaardere, zorgvuldig afgewogen aanpak vraagt en Level 6 extreem zeldzaam is.
Waarom die schaal nuttig is voor eigenaars
Voor eigenaars helpt de Dunbar-schaal om voorbij het label “hij heeft gebeten” te kijken en concreter te benoemen wat er gebeurd is. Een eenmalige Level 2-hap in een overrompelende situatie vraagt een heel ander traject dan herhaalde Level 4-bijten met vasthouden en schudden.
Neem actie voor het te laat is
Ook bij lage niveaus op de Dunbar-schaal – dus wanneer er “alleen maar” gesnapt wordt, de huid net geraakt wordt of er hooguit een krasje te zien is – is het belangrijk om dit niet te minimaliseren. Voor de hond is dit vaak al een noodsignaal: eerdere, subtielere waarschuwingen (wegkijken, verstijven, grommen) hebben blijkbaar niet gewerkt, waardoor hij een stap hoger op de agressieladder heeft moeten zetten.
Net in deze vroege fases is de kans op een goed herstel en op duurzame preventie het grootst, op voorwaarde dat er tijdig een professional wordt ingeschakeld. Wij kunnen samen met jou kijken naar de context, mogelijke medische factoren, het stressprofiel van je hond en een concreet stappenplan uitwerken dat zowel veiligheid als welzijn garandeert.
Merk je dat je hond snapt, hapt, gromt of iemand al licht heeft verwond, wacht dan niet tot het “een echt bijtincident” wordt. Ook bij lage niveaus op de Dunbar-schaal is professionele begeleiding geen luxe, maar een vorm van preventie en verantwoordelijkheid.
Zit je met zorgen of heb je een recent incident meegemaakt, dan kan je altijd contact opnemen voor een traject op maat, waarin samen wordt gekeken hoe jullie opnieuw veilig, duidelijk en met meer vertrouwen kunnen samenleven.



Opmerkingen